De garantieregeling bij later ontstaan van een WGA-uitkering
In onze praktijk zien wij regelmatig werknemers die pas jaren na een eerste WIA-beoordeling alsnog recht krijgen op een WGA-uitkering. Dat kan bijvoorbeeld gebeuren wanneer iemand opnieuw uitvalt door dezelfde ziekteoorzaak. Wat veel mensen niet weten, is dat er in zo’n situatie speciale garantieregelingen gelden.
Die garantieregelingen zijn belangrijk. Ze bepalen welk beroep en welk loon het UWV moet gebruiken bij de nieuwe beoordeling. Als deze regels niet goed worden toegepast, kan dat grote financiële gevolgen hebben. En precies daar gaat het in de praktijk regelmatig mis.
Wanneer ontstaat een WGA-uitkering “later”?
Van een later ontstane WGA-uitkering is sprake als een werknemer eerder is afgewezen voor de WIA (minder dan 35% arbeidsongeschikt), binnen vijf jaar opnieuw uitvalt, door dezelfde ziekteoorzaak en alsnog minstens 35% arbeidsongeschikt wordt bevonden.
In dat geval geldt geen nieuwe wachttijd van 104 weken. De WGA-uitkering gaat direct in vanaf de nieuwe ziekmelding. Maar dan rijst de vraag: welk beroep en welk loon tellen mee?
Maatmanloon en WIA-maandloon
Bij deze beoordeling spelen twee begrippen een hoofdrol:
- Het maatmanloon
Dit is het uurloon van het werk dat als uitgangspunt wordt genomen bij de beoordeling. Het bepaalt het arbeidsongeschiktheidspercentage.
- Het WIA-maandloon
Dit bepaalt hoe hoog de WGA-uitkering is en wordt normaal berekend op basis van het inkomen in het jaar vóór de ziekmelding (de referteperiode).
Juist bij een later ontstane WGA-uitkering is het belangrijk om te weten dat het UWV deze twee begrippen niet altijd op dezelfde periode mag baseren.
Praktijkvoorbeeld
Een cliënt van ons, Emiel, werkte jarenlang als manager bij een multinational en verdiende € 4.500 per maand. In 2018 viel hij uit door psychische klachten. Na afloop van de wachttijd werd hij minder dan 35% arbeidsongeschikt geacht en kreeg hij geen WIA-uitkering.
Omdat het werk te zwaar bleef, stapte Emiel later over naar een minder belastende functie als consultant, met een lager salaris van € 3.500 per maand. Dat werk hield hij enkele jaren vol, totdat hij in 2024 opnieuw uitviel door dezelfde psychische klachten.
Het UWV erkende dat sprake was van dezelfde oorzaak en kende alsnog een WGA-uitkering toe. Daarbij stelde het UWV Emiel op 37% arbeidsongeschiktheid vast. Maar de vraag was: klopte de manier waarop het UWV het beroep en loon had vastgesteld?
De maatmaninkomensgarantie
In beginsel is de maatman het werk dat iemand deed vlak voor de nieuwe ziekmelding. Bij Emiel zou dat dus de functie van consultant zijn, met een lager uurloon. Als dat uurloon was gebruikt, zou zijn arbeidsongeschiktheid onder de 35% zijn gebleven en had hij geen recht gehad op een WGA-uitkering.
Hier komt de maatmaninkomensgarantie in beeld. Deze garantie houdt in dat het UWV het maatmanuurloon bij een later ontstane WGA-uitkering niet lager mag vaststellen dan bij de eerste beoordeling aan het einde van de oorspronkelijke wachttijd.
In Emiels geval betekende dit dat het hogere uurloon van zijn oude functie als manager moest worden gebruikt. Daardoor kwam hij wél boven de 35% arbeidsongeschiktheid uit en kreeg hij recht op een WGA-uitkering.
De dagloongarantie
Dan is er nog het WIA-maandloon. Normaal kijkt het UWV naar het inkomen in het jaar voor de nieuwe ziekmelding. Voor Emiel betekende dat een jaar waarin hij als consultant werkte en minder verdiende.
Ook hier geldt een garantie, de dagloongarantie. Het UWV mag het WIA-maandloon niet lager vaststellen dan het loon dat gold bij de eerste wachttijd. Daarom moest ook hier het hogere loon van de managersfunctie worden gebruikt.
Dit maakt in de praktijk een groot verschil in de hoogte van de uitkering.
Onze ervaring
In de praktijk zien wij dat het UWV deze garanties niet altijd correct toepast. Soms wordt alleen gekeken naar het laatste werk en het lagere loon, terwijl de werknemer juridisch recht heeft op bescherming.
Dat kan het verschil betekenen tussen geen WGA-uitkering een lagere uitkering of een correcte WGA-uitkering op basis van garantie.
Juist bij later ontstane WGA-uitkeringen is het daarom belangrijk om de beoordeling kritisch te laten controleren.
Hulp nodig bij een WGA-beoordeling of bezwaar?
Is bij u later een WGA-uitkering toegekend en twijfelt u of het UWV het juiste beroep en loon heeft gebruikt? Of vraagt u zich af of de maatman- of dagloongarantie correct is toegepast?
Plan een gratis en vrijblijvend consult met SV-Specialisten.
Wij beoordelen uw dossier, controleren of de garantieregelingen juist zijn toegepast en adviseren u eerlijk over bezwaar of vervolgstappen.






