In onze praktijk zien wij vaak dat werken naast een WGA-uitkering loont. Wie (gedeeltelijk) werkt en voldoet aan de inkomenseis, houdt per saldo meer over dan wanneer hij niet zou werken. Maar wat gebeurt er als iemand tijdens dat werk opnieuw ziek uitvalt?
Veel cliënten vragen zich dan af: heb ik na 104 weken ziekte opnieuw recht op een WGA-uitkering?
Het antwoord is juridisch complexer dan vaak wordt gedacht. Aan de hand van een praktijkvoorbeeld leggen wij uit hoe dit werkt en waar het UWV rekening mee moet houden.
Praktijkvoorbeeld
Een cliënt van ons, Johan, ontvangt al enkele jaren een WGA-uitkering. Hij vindt passend werk voor het aantal uren dat hij volgens zijn belastbaarheid kan werken. Omdat hij voldoende verdient, ontvangt hij een WGA-loonaanvullingsuitkering in de klasse 35–80%.
Na een jaar gaat het helaas mis. Johan valt opnieuw ziek uit. Na 104 weken ziekte moet het UWV zijn situatie opnieuw beoordelen. In zo’n geval moet het UWV twee beoordelingen uitvoeren.
Eerste beoordeling
Het UWV beoordeelt eerst de bestaande WGA-uitkering. De conclusie is dat Johan nog steeds gedeeltelijk arbeidsongeschikt is. De loondoorbetaling door de werkgever stopt na 104 weken ziekte. Omdat Johan geen inkomsten meer heeft, voldoet hij niet langer aan de inkomenseis.
Gevolg: Johan valt terug op een WGA-vervolguitkering. Deze uitkering is gebaseerd op het minimumloon en ligt daardoor een stuk lager dan zijn eerdere loonaanvullingsuitkering.
Tweede beoordeling
Vervolgens moet het UWV beoordelen of Johan, vanwege deze nieuwe ziekteperiode, recht zou hebben gehad op een nieuwe loongerelateerde WGA-uitkering. Uit die beoordeling blijkt dat hij aan alle voorwaarden voldoet. Die loongerelateerde WGA-uitkering zou bovendien hoger zijn dan de WGA-vervolguitkering.
Maar hier ontstaat een probleem.
Geen tweede WGA-uitkering, maar wel bescherming
De Wet WIA kent een zogenoemde uitsluitingsgrond. Als er al eerder recht is ontstaan op een WGA-uitkering, kan bij een nieuwe uitval geen tweede WGA-uitkering ontstaan. Johan krijgt dus niet opnieuw een loongerelateerde WGA-uitkering toegekend.
Op het eerste gezicht lijkt dit nadelig. Maar de wet bevat voor dit soort situaties een belangrijke vangnetregeling: de garantie-uitkering.
De garantie-uitkering
De garantie-uitkering houdt in dat de lopende WGA-vervolguitkering (of WGA-loonaanvullingsuitkering) wordt verhoogd tot het bedrag van de loongerelateerde WGA-uitkering waarop Johan recht zou hebben gehad, als de uitsluitingsgrond niet had bestaan.
Concreet betekent dit:
- Johan ontvangt tijdelijk een WGA-uitkering ter hoogte van de loongerelateerde WGA-uitkering
- Dit geldt voor de periode waarin die loongerelateerde uitkering zou hebben gelopen
- Daarna valt hij, bij ongewijzigde omstandigheden, terug op de reguliere WGA-vervolguitkering
In financiële zin kan dit een groot verschil maken.
Onze ervaring
De garantie-uitkering is een zeldzame maar zeer belangrijke regeling. In onze praktijk zien wij dat deze mogelijkheid regelmatig over het hoofd wordt gezien, ook door het UWV. Daardoor ontvangen mensen soms maandenlang een lagere uitkering dan waar zij recht op hebben.
Juist bij complexe situaties met meerdere ziekteperiodes en WGA-fasen is het essentieel om de beoordeling juridisch te laten controleren.
Hulp nodig bij een WGA-beoordeling?
Bent u opnieuw arbeidsongeschikt geworden tijdens een WGA-uitkering? Of twijfelt u of het UWV uw rechten correct heeft vastgesteld na 104 weken ziekte?
Plan een gratis en vrijblijvend consult met SV-Specialisten.
Wij beoordelen uw dossier, kijken of u recht heeft op een garantie-uitkering en adviseren u eerlijk over bezwaar en vervolgstappen.






