In dossiers rondom langdurige arbeidsongeschiktheid zien wij regelmatig dat één ziekteperiode kan leiden tot meerdere uitkeringsstromen tegelijk. Dat gebeurt bijvoorbeeld wanneer een werknemer al een WGA-uitkering ontvangt, blijft werken in aangepaste arbeid en vervolgens opnieuw uitvalt.
Werkgevers en werknemers krijgen dan te maken met ingewikkelde vragen: wie betaalt wat, wanneer stopt het loon, en hoe voorkomt u dat er achteraf grote terugvorderingen ontstaan?
In dit soort situaties speelt vaak een combinatie van loonbetaling, een Ziektewetuitkering via de no-riskpolis en uiteindelijk een IVA-uitkering. Juist de verrekening tussen die drie geldstromen gaat in de praktijk regelmatig mis.
Wanneer ontstaat er recht op loon, Ziektewet en IVA tegelijk?
Het komt vaak voor dat een werknemer na een WGA-toekenning toch (gedeeltelijk) blijft werken bij de werkgever. De eigen functie is dan meestal niet meer haalbaar, maar passende werkzaamheden zijn nog wel mogelijk. In juridische zin ontstaat er dan nieuw bedongen arbeid.
Als de werknemer vervolgens opnieuw uitvalt na een jaar werken, ontstaat een nieuwe loondoorbetalingsplicht van maximaal 104 weken. Werkgevers worden in dat geval soms gecompenseerd doordat het UWV een Ziektewetuitkering toekent op basis van de no-riskpolis.
Tegelijkertijd kan de werknemer bij het UWV een melding verslechterde gezondheid doen. Bij herbeoordeling kan blijken dat de situatie inmiddels zo ernstig is dat recht bestaat op een IVA-uitkering.
Vanaf de (tweede) eerste ziektedag kunnen dan drie geldstromen naast elkaar bestaan: loon tijdens ziekte, een Ziektewetuitkering via de no-riskpolis en een IVA-uitkering zonder wachttijd. De vraag is vervolgens hoe deze juridisch met elkaar worden verrekend.
Mag het loon worden verrekend met een IVA-uitkering?
Veel mensen denken dat loon altijd in mindering komt op een WIA-uitkering. Dat is ook vaak zo bij een WGA-uitkering. Maar bij een IVA-uitkering zonder wachttijd ligt dit anders.
Op grond van artikel 3:4 lid 1 onder c van het Algemeen Inkomensbesluit wordt loon in deze situatie niet aangemerkt als inkomen voor de IVA-uitkering. Het UWV mag het loon dus niet verrekenen met de IVA-uitkering.
Dat betekent dat niet het loon wordt gekort op de IVA, maar juist andersom. In dat geval geldt artikel 7:629 lid 5 BW: de IVA-uitkering moet in mindering worden gebracht op het loon.
Wat wij in de praktijk vaak zien, is dat de IVA-uitkering hoger is dan het loon. Het gevolg is dat het loon feitelijk op nul uitkomt. Dit heeft direct financiële gevolgen voor werkgever en werknemer.
Hoe wordt de Ziektewetuitkering verrekend met de IVA-uitkering?
Wanneer de werknemer ziek uitvalt onder de no-riskpolis ontvangt de werkgever vaak een Ziektewetuitkering van het UWV. Die ZW-uitkering blijft niet buiten beschouwing.
Artikel 3:3 lid 5 onder a van het Algemeen Inkomensbesluit bepaalt dat het ZW-maandloon wél als inkomen wordt gezien voor de IVA-uitkering. Dat betekent dat de Ziektewetuitkering in mindering moet worden gebracht op de IVA-uitkering.
De volgorde daarbij is dat eerst de IVA-uitkering wordt verrekend met het loon, waardoor het loon in veel gevallen feitelijk op nul uitkomt. Vervolgens wordt de Ziektewetuitkering aangemerkt als inkomen, waardoor deze weer in mindering wordt gebracht op de IVA-uitkering. De Ziektewetuitkering wordt volledig uitbetaald, met daarnaast een aanvullend deel IVA.
Waar gaat het in de praktijk vaak mis?
Het grootste probleem is dat een IVA-herbeoordeling vaak maanden duurt. Werkgever en werknemer weten lange tijd niet dat er met terugwerkende kracht recht bestaat op IVA.
In de tussentijd wordt het loon doorbetaald, ontvangt de werkgever Ziektewet via no-risk en kan bij de werknemer nog sprake zijn van verrekening binnen de WGA. Pas later blijkt dat het loon vanaf de eerste ziektedag eigenlijk op nul had moeten uitkomen door de IVA-toekenning.
In onze praktijk zien wij dat dit kan leiden tot onduidelijkheid over nabetalingen, risico op terugvorderingen, fouten in de loonadministratie en discussie tussen werkgever en werknemer over de juiste verrekening.
Soms kiezen partijen voor een praktische oplossing waarbij loonbetaling voorlopig doorloopt zolang niemand financieel wordt benadeeld. Dat kan tijdelijk werkbaar zijn, maar juridisch blijft het een kwetsbare situatie.
Wanneer is bezwaar of juridisch advies verstandig?
Deze dossiers zijn juridisch complex en financieel gevoelig. Bezwaar kan zinvol zijn wanneer het UWV de IVA te laat of onjuist toekent, wanneer de verrekening tussen ZW en IVA verkeerd wordt toegepast of wanneer werkgever of werknemer wordt geconfronteerd met terugvordering.
Wat veel mensen niet weten is dat kleine fouten in de verrekening grote gevolgen kunnen hebben voor het inkomen van de werknemer of de lasten van de werkgever.
SV-specialisten beoordeelt in dit soort situaties dagelijks of een bezwaarprocedure kansrijk is en welke financiële gevolgen daarmee samenhangen.
Twijfelt u over een situatie waarin loon, Ziektewet en IVA door elkaar lopen? Laat uw dossier inhoudelijk beoordelen door een specialist sociaal zekerheidsrecht. Neem contact op met SV-specialisten voor een juridische analyse van uw positie en de mogelijkheden voor bezwaar of beroep.






